Nieuwe zzp-wet op komst: dit verandert er rond schijnzelfstandigheid
Wet DBA, VBAR, Zelfstandigenwet, rechtsvermoeden: als je het gevoel hebt dat je de ontwikkelingen rond schijnzelfstandigheid niet meer kunt bijhouden, ben je niet de enige. Er is het afgelopen jaar zoveel veranderd dat zelfs experts moeite hebben om het overzicht te bewaren. In dit artikel zetten we de huidige stand van zaken voor je op een rij. Wat geldt er nu, wat heeft het kabinet Jetten net besloten, en wat komt er nog aan? Zodat jij als ondernemer weet waar je aan toe bent.
Wat is schijnzelfstandigheid?
Schijnzelfstandigheid betekent dat je op papier werkt als zzp’er, maar dat de werkrelatie in praktijk lijkt op een dienstverband. Denk aan situaties waarin je opdrachtgever bepaalt wanneer en hoe je werkt, als je jarenlang alleen voor die ene klant werkt of als je hetzelfde werk doet als werknemers die naast je zitten. Waarom dat een probleem is? Opdrachtgevers moeten in zo’n geval eigenlijk premies afdragen omdat ze werkgever zijn. De Belastingdienst kan die alsnog terugvorderen bij de opdrachtgever. En als zzp’er had jij mogelijk geen recht op bepaalde ondernemersvoordelen.
Wat is er veranderd voor schijnzelfstandigheid in 2026?
Sinds 1 januari 2025 handhaaft de Belastingdienst weer volledig op schijnzelfstandigheid. Dit betekent dat de Belastingdienst naheffingen kan opleggen met terugwerkende kracht tot 1 januari 2025. Dit was in 2025 ook al het geval, dus is wat dat betreft ‘oud nieuws’. Vanaf 2026 zijn daar echter ook vergrijpboetes bijgekomen. Dat wil zeggen: als er sprake is van bewuste opzet of grove schuld dan kan kunnen er extra boetes worden opgelegd. Dit is dus nieuw.
Goed om te weten: de aanpak is stapsgewijs. Dat houdt in dat je in principe eerst een bedrijfsbezoek krijgt, dan een waarschuwing, en dan pas een boekenonderzoek. Dit wordt ook wel de ‘zachte landing’ genoemd. Maar vergis je niet: boetes kunnen wel hoog oplopen. Laat dit dus geen excuus zijn om de risico’s te negeren.
Wat heeft het kabinet Jetten besloten?
Op 6 maart 2026 heeft minister Aartsen (Werk en Participatie) een belangrijke knoop doorgehakt. De Wet VBAR (Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden) wordt opgesplitst. Een deel wordt geschrapt, en er zijn plannen die wél door moeten gaan als het aan het kabinet ligt.
Wat is er geschrapt?
Het verduidelijkingsdeel van de Wet VBAR gaat van tafel. Dat onderdeel was bedoeld om wettelijk vast te leggen wanneer iemand “in dienst van” een ander werkt. Daarin zouden indicaties worden opgenomen die wijzen op een dienstverband (zoals organisatorische sturing en inbedding in de organisatie) en indicaties die wijzen op zelfstandigheid (zoals ondernemersrisico en eigen investeringen). Het idee was om recente rechtspraak, zoals het Deliveroo-arrest, in de wet te verankeren. Maar in de praktijk zorgde het juist voor méér onrust en onduidelijkheid. Eigenlijk precies het tegenovergestelde van wat ze wilden bereiken dus. Het kabinet heeft daarom dit deel geschrapt.
Wat ligt er juist wel op tafel
Wat wel doorgaat is het rechtsvermoeden van werknemerschap bij een uurtarief onder de €38. Dit betekent dat zzp’ers die minder dan €38 per uur verdienen straks makkelijker kunnen aantonen dat ze eigenlijk in loondienst werken. Als een zzp’er een beroep doet op dit rechtsvermoeden dan moet de opdrachtgever bewijzen dat er géén sprake is van een arbeidsovereenkomst. Dit onderdeel wil het kabinet zo snel mogelijk invoeren. Het rechtsvermoeden is een recht, geen plicht. Als je als zzp’er prima tevreden bent met je situatie en toevallig een tarief onder de €38 hanteert, hoef je niks te doen. Het is bedoeld als vangnet voor ‘ondernemers’ die eigenlijk in een schijnconstructie zitten.
De nieuwe Zelfstandigenwet
Het kabinet zet daarnaast in op een geheel nieuwe wet: de Zelfstandigenwet. Deze wet moet duidelijkheid geven over wanneer iemand echt zelfstandig ondernemer is en wanneer er sprake is van een verkapt dienstverband. De Zelfstandigenwet moet de opvolger worden van de Wet DBA. De Wet DBA kwam er destijds om schijnzelfstandigheid tegen te gaan, maar het resultaat was vooral onzekerheid: opdrachtgevers durfden geen zzp’ers meer in te huren, en zzp’ers wisten niet waar ze aan toe waren.
Wat is het plan met de Zelfstandigenwet?
Inhoudelijk is het idee dat de Zelfstandigenwet gaat draaien om drie toetsen:
- De zelfstandigentoets: gedraag je je als een echte ondernemer? Denk aan meerdere opdrachtgevers, eigen tarieven bepalen en zelf je verzekeringen en pensioen regelen.
- De werkrelatietoets: hoe ziet de samenwerking met je opdrachtgever er in de praktijk uit? Bepaal jij hoe en wanneer je werkt, of doet je opdrachtgever dat?
- Sectoraal rechtsvermoeden: dit is vergelijkbaar met het rechtsvermoeden bij lage tarieven, maar dan gericht op specifieke sectoren waar schijnzelfstandigheid veel voorkomt.
Er komt ook een onafhankelijke commissie waar je als zzp’er of opdrachtgever vooraf kunt toetsen of een werkrelatie kwalificeert als zelfstandige opdracht. Het idee is dat het oordeel van die commissie bindend is. Dat zou een enorme verbetering zijn ten opzichte van de huidige situatie waarin je pas achteraf hoort of de Belastingdienst het met je eens is.
De details van deze wet worden op dit moment nog uitgewerkt. De Zelfstandigenwet moet nog door de Raad van State en vervolgens door de Tweede en Eerste Kamer. Een concrete invoerdatum is er nog niet, maar het kabinet wil er tempo mee maken. De verwachting is dat de wet op z’n vroegst in 2027 ingaat.
Welke sectoren lopen het meeste risico?
De Belastingdienst richt zich bij de handhaving niet op alle sectoren tegelijk. Bepaalde branches krijgen extra aandacht omdat daar volgens de Belastingdienst relatief veel schijnzelfstandigheid voorkomt. Dat zijn met name de zorg, bouw, onderwijs, IT en de platformeconomie. In de zorg werken veel zzp’ers via bemiddelingsbureaus onder dezelfde voorwaarden als werknemers. In de bouw en IT komen situaties voor waarin zzp’ers jarenlang op dezelfde locatie werken met dezelfde taken als vaste medewerkers. Voor de platformeconomie is de vraag of bezorgers en chauffeurs écht zelfstandig zijn een discussie die al jaren loopt. Zorg er in deze sectoren dus éxtra goed voor dat je jouw werkrelatie goed inricht.
Hoe zorg je dat je aan de goede kant zit?
Er is geen magische checklist die garandeert dat je geen schijnzelfstandige bent, maar er zijn wel factoren die de Belastingdienst meeneemt in de beoordeling:
- Werk voor meerdere opdrachtgevers, niet jarenlang exclusief voor één klant. Net begonnen? Streef dan op zijn minst naar meerdere opdrachtgevers en bewaar de communicatie hiervan.
- Bepaal zelf je werktijden en de manier waarop je het werk uitvoert
- Gebruik je eigen materialen, software of gereedschap waar dat kan
- Zorg voor een duidelijke overeenkomst van opdracht die de werkrelatie goed beschrijft
- Draag ondernemersrisico: je factureert zelf, draagt je eigen verzekeringen en loopt debiteurenrisico
- Vervang geen vaste medewerker en doe niet exact hetzelfde werk onder dezelfde voorwaarden
Twijfel je over je situatie? Het kan wellicht helpen om je situatie eens voor te leggen aan je cijferbaas. Maar weet ook: wij zijn uiteindelijk boekhouders en geen juristen. Bij echte twijfel is het dus belangrijk om een gespecialiseerd jurist in te schakelen.
Kortom: de regels rond schijnzelfstandigheid zijn in beweging. De handhaving is een feit, het rechtsvermoeden bij lage tarieven komt er waarschijnlijk aan, en de Zelfstandigenwet moet uiteindelijk voor de broodnodige duidelijkheid gaan zorgen. Het belangrijkste wat je nu kunt doen: zorg dat je eigen situatie op orde is en houd de ontwikkelingen in de gaten.
Snel vraag & antwoord
add remove Wat is schijnzelfstandigheid?
Je werkt op papier als zzp’er, maar in de praktijk lijkt je werkrelatie op een dienstverband. De opdrachtgever bepaalt hoe en wanneer je werkt, en je doet hetzelfde als werknemers in vaste dienst.
add remove Wordt er in 2026 gehandhaafd op schijnzelfstandigheid?
Ja. Sinds 1 januari 2025 handhaaft de Belastingdienst weer volledig. Het handhavingsmoratorium is voorbij en sinds 2026 zijn er vergrijpboetes bijgekomen. De aanpak is wel stapsgewijs: eerst een bedrijfsbezoek, dan een waarschuwing, dan een boekenonderzoek.
add remove Kan ik een boete krijgen als zzp'er?
De naheffingen loonbelasting worden opgelegd aan je opdrachtgever, niet aan jou. Wel kunnen er vergrijpboetes worden opgelegd bij bewuste opzet of grove schuld. Die kunnen beide partijen raken. Het zou daarnaast ook kunnen dat je eventuele ondernemersvoordelen moet terugbetalen als achteraf blijkt dat je eigenlijk werknemer was.
add remove Wat is het rechtsvermoeden bij €38 per uur?
Als je als zzp’er minder dan €38 per uur verdient, kun je straks makkelijker claimen dat je eigenlijk in loondienst werkt. De bewijslast verschuift dan naar de opdrachtgever. Dit is een recht, geen plicht.
add remove Wat is de Zelfstandigenwet?
Een nieuwe wet die (ook vooraf!) duidelijkheid moet geven over wanneer iemand echt zelfstandig ondernemer is. Het is de beoogde opvolger van de Wet DBA. De wet is nog in ontwikkeling en wordt op z’n vroegst in 2027 verwacht.
add remove Wat is er gebeurd met de Wet VBAR?
Het kabinet heeft op 6 maart 2026 besloten om het verduidelijkingsdeel van de VBAR te schrappen. Het rechtsvermoeden bij lage tarieven blijft wel en wordt versneld ingevoerd.
add remove In welke sectoren is het risico op schijnzelfstandigheid het grootst?
De Belastingdienst richt zich vooral op de zorg, bouw, onderwijs, IT en platformeconomie. In die sectoren komt volgens de Belastingdienst relatief veel schijnzelfstandigheid voor.